Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016

Alinea 257 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:316.

34. Wat de beoordeling van dit middel betreft, meen ik het hier, onder verwijzing naar mijn bespreking van het eerste middel, kort te mogen houden. Het verweer van de verdediging houdt naar de kern bezien enkel in dat de verdachte in Peru wordt vervolgd (althans daar is aangehouden) in verband met een verdenking inzake witwassen met opbrengsten die uit de zaak Latas (feit 2) afkomstig zijn, en dat dit het resultaat is van een ‘deal’ tussen de Nederlandse en Peruaanse justitiële autoriteiten. Gelet op hetgeen in dit verband door de raadsman is aangevoerd, meen ik dat dat het oordeel van het hof dat het openbaar ministerie in de strafvervolging van de verdachte ontvankelijk is, niet van een onjuiste rechtsopvatting getuigt en toereikend is gemotiveerd. Allereerst is inderdaad geen sprake van hetzelfde feit in de zin van art. 68 Sr. Ik volsta met een verwijzing naar het arrest van HR 1 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BM9102, NJ 2011/394 m.nt. Buruma: ‘De tenlastelegging is toegesneden op art. 10a Opiumwet en de vordering tot wijziging van de tenlastelegging op art. 420bis Sr. Zowel het verschil in de juridische aard van de aan de verdachte verweten feiten als het verschil tussen de omschreven gedragingen is dermate groot dat geen sprake kan zijn van "hetzelfde" feit in de zin van art. 68 Sr.’ De stelling in de toelichting op het middel dat de onderhavige zaak noopt tot een ruimere uitleg van het ne bis in idem-beginsel dan in de bestendige rechtspraak van de Hoge Raad gebruikelijk is, maakt dit niet anders. Voorts vermag ik niet in te zien dat en waarom in het onderhavige verband sprake zou zijn van schending van enig beginsel van behoorlijke procesorde. Daarbij merk ik nog een keer op dat de verdachte geheel uit vrije wil en beweging naar Peru is teruggegaan; het openbaar ministerie staat daar volledig buiten. Dat Peru de verdachte heeft aangehouden en tot vervolging wegens witwassen is overgegaan, raakt de ontvankelijkheid van het Nederlandse openbaar ministerie met betrekking tot de in de onderhavige zaak tenlastegelegde feiten niet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6e00cae3c1b23a4d077dd309cf7a88ecbb75c2c18ba451260b549949baeefa43. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6e00cae3c1b23a4d077dd309cf7a88ecbb75c2c18ba451260b549949baeefa43, en de alinea staat in dat document op bytes 109199 tot 111391.