Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016
Alinea 41 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:316.
Door eerst op 16 oktober 2014 kenbaar te maken dat de proceshouding van [verdachte] veranderd is, is het de autoriteiten onmogelijk gemaakt tijdig een rechtshulpverzoek te doen uitgaan ten behoeve van een videoverhoor in de periode rond 20 oktober 2014. Derhalve ligt de vraag thans voor of alsnog en wederom de behandeling van de zaak dient te worden aangehouden ten behoeve van een videoverhoor van [verdachte] als verdachte. Afwegend enerzijds het zwaarwegend belang van [verdachte] om als verdachte te kunnen verklaren en naar voren te brengen wat hij dienstig acht en anderzijds de omstandigheid dat de inhoudelijke behandeling in november 2013 op verzoek van de raadsman van [verdachte] vanwege diens detentie toen niet is voortgezet, alsmede het belang van de samenleving bij een doeltreffende en spoedige berechting en de belangen van de medeverdachten, is het hof van oordeel dat het belang dat deze zaak uit 2005 thans berecht wordt, voorrang heeft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6e00cae3c1b23a4d077dd309cf7a88ecbb75c2c18ba451260b549949baeefa43. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6e00cae3c1b23a4d077dd309cf7a88ecbb75c2c18ba451260b549949baeefa43, en de alinea staat in dat document op bytes 20309 tot 21281.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6e00cae3c1b23a4d077dd309cf7a88ecbb75c2c18ba451260b549949baeefa43 | shasum -a 256