Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016
Onder 7.7.1. Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:338.
Zonder het bestaan van een wettelijke regeling als in artikel 3.120, lid 1, Wet IB 2001 zouden partijen niet voor de onderhavige juridische vormgeving hebben gekozen. Anders dan belanghebbende stelt, acht het Hof het fiscale realiteitsgehalte niet aannemelijk gemaakt, doch integendeel door de Inspecteur gesteld en aannemelijk gemaakt, dat ingeval de samenhangende rechtshandelingen fiscaal in rechte niet worden aanvaard, de Stichting en belanghebbende over en weer zullen afzien van de contractuele rechten en verplichtingen. Naar het oordeel van het Hof is het volstrekt evident dat indien de fiscale aftrek wordt geweigerd de opzet in economische zin sterk negatief is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0d32bfddd0f9f36fa63a627fa90edc314fad927f21e6fdae03478bf614da9cd1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0d32bfddd0f9f36fa63a627fa90edc314fad927f21e6fdae03478bf614da9cd1, en de alinea staat in dat document op bytes 97083 tot 97771.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0d32bfddd0f9f36fa63a627fa90edc314fad927f21e6fdae03478bf614da9cd1 | shasum -a 256