Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 april 2016
Onder 3.3. Parket bij de Hoge Raad 28 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:339.
4. In het onderhavige arrest wordt de inkoopwaarde voor de handel nu expliciet als uitgangspunt bevestigd bij de bepaling van de waarde bij invoer. De Hoge Raad beslist dat niet de verkoopwaarde voor een handelaar van vergelijkbare reeds geregistreerde auto's de basis is voor de berekening van de BPM, maar de inkoopwaarde van die auto's voor een handelaar. Immers bij de toepassing van art. 90 EG dient een vergelijking plaats te vinden met auto's welke zich in een vergelijkbare positie bevinden. Alsdan dient uitgegaan te worden van de inkoopwaarde van een al in Nederland geregistreerde auto. Wanneer een handelaar een dergelijke auto inkoopt, zal de nog op die auto drukkende BPM gelijk zijn aan een evenredig deel van de oorspronkelijke BPM, aldus de Hoge Raad. Vervolgens constateert de Hoge Raad dat 'deze op die auto rustende BPM (...) niet (wordt) verhoogd door de eventuele marge die de handelaar bij verkoop van die auto realiseert.' Met deze laatste constatering is de fiscale discriminatie onder art. 90 EG een gegeven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0874109f311a64381bd1826fba1bdd96c728210047777469cb210054ebe321e4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0874109f311a64381bd1826fba1bdd96c728210047777469cb210054ebe321e4, en de alinea staat in dat document op bytes 165139 tot 166186.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0874109f311a64381bd1826fba1bdd96c728210047777469cb210054ebe321e4 | shasum -a 256