Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016

Onder 2.2 Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:342.

“4.3 Hoewel beide partijen stellen dat zij weten hoe de grens tussen de percelen loopt vorderen zij, al dan niet subsidiair, dat het Gerecht de grens dient te bepalen. Een gerechtelijke grensbepaling kan eerst met succes worden gevorderd, wanneer de loop van de grens onzeker is. Partijen hadden zulks dan ook dienen te stellen. Als partijen echter stellen dat die grens niet onzeker is, maar vastgesteld dient te worden op grond van een bepaald rapport van het kadaster of een bepaalde akte (vergelijk sub 1.9 en/of sub 1.10 van de conclusie van repliek in conventie van [betrokkene 2 en 3]) of op grond van de ligging van rockwalls of de inhoud van een bepaalde meetbrief (vergelijk conclusie van antwoord in conventie tevens voorwaardelijke conclusie van eis in reconventie van [betrokkene 1]) kan niet de vaststelling van de loop van de grens worden gevorderd, omdat partijen dan juist stellen dat de loop van de grens tussen de percelen niet onzeker is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d77c16b3bd03cef40f12d0f97b8a795686c6e730cfb7e4458ddcfc5b387b9501. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d77c16b3bd03cef40f12d0f97b8a795686c6e730cfb7e4458ddcfc5b387b9501, en de alinea staat in dat document op bytes 13328 tot 14301.