Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016
Onder 1.6. Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:347.
Na gehouden comparitie heeft het hof bij tussenarrest van 4 februari 2014 beslist dat de betekening van het verstekvonnis waarbij de deurwaarder een afschrift van het exploot heeft uitgereikt aan de receptioniste op het adres Stationsplein 50 te Apeldoorn, niet kan worden aangemerkt als een betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’. Volgens het tussenarrest was de receptioniste niet gemandateerd stukken in ontvangst te nemen voor de Belastingdienst. Een betekening aan de toenmalige directeur van de Belastingdienst/CA zelf, [betrokkene 2], kantoorhoudend op genoemd adres, zou een betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’ hebben opgeleverd; daarvan is in dit geval geen sprake (rov. 2.2). Het hof verwierp vervolgens de stelling van de belastingplichtige over een (latere) daad van de Ontvanger waaruit noodzakelijk voortvloeit dat het vonnis of de aangevangen tenuitvoerlegging aan hem bekend was (rov. 2.3). Het hof besloot dat de Ontvanger tijdig verzet heeft ingesteld tegen het verstekvonnis (rov. 2.5). Met betrekking tot een ander geschilpunt heeft het hof nadere inlichtingen ingewonnen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e, en de alinea staat in dat document op bytes 10586 tot 11741.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e | shasum -a 256