Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016
Onder 2.1. Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:347.
Het hof heeft vastgesteld dat de betekening van het verstekvonnis op 17 juni 2011 aan de Ontvanger, waarbij de deurwaarder een afschrift van zijn exploot heeft gelaten aan een receptioniste ten kantore van de Belastingdienst/CA te Apeldoorn, rechtsgeldig is geschied. De klachten van de belastingplichtige onder 1 – 4 zijn gericht tegen het oordeel van het hof dat op die datum geen sprake is geweest van een betekening van het verstekvonnis aan de Ontvanger in persoon . Het antwoord op de vraag of de betekening heeft plaatsgevonden ‘in persoon’, is van belang om te kunnen vaststellen op welke datum de termijn van verzet tegen het verstekvonnis aanvangt. Om te kunnen spreken van een betekening aan de Ontvanger ‘in persoon’, is volgens de belastingplichtige niet nodig dat een afschrift van het exploot is uitgereikt aan de directeur van de Belastingdienst/CA persoonlijk: uitreiking aan een door de Ontvanger daartoe aangewezen persoon zou al voldoende zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e, en de alinea staat in dat document op bytes 13271 tot 14292.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e | shasum -a 256