Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016
Onder 2.15. Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:347.
Mijns inziens staat het de rechter niet vrij, zonder wettelijke basis een betekening die niet in persoon heeft plaatsgevonden aan te merken als een betekening ‘in persoon’. De wettelijke regeling van de uitreiking van exploten in de zesde afdeling van titel 1 van Boek 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering dient de rechtszekerheid : op welke datum begint de verzettermijn te lopen? Daarbij past een analogische toepassing van art. 49 Rv niet, ook al zou dat voor de opdrachtgever van de deurwaarder een praktische oplossing zijn om de termijn voor verzet te laten aanvangen. In België is het onderwerp bij wet geregeld. Wanneer woonplaats is gekozen bij de lastgever, kan aan die lastgever worden betekend. Een betekening aan de lastgever in persoon geldt als een betekening aan de gedaagde in persoon . Wanneer men in Nederland een dergelijke regeling van de betekening verkiest, ligt het op de weg van de wetgever om hiervoor een voorziening te treffen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e, en de alinea staat in dat document op bytes 31031 tot 32143.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e | shasum -a 256