Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016
Onder 2.16. Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:347.
De overige onderdelen van het incidenteel cassatiemiddel behoeven geen bespreking indien het eerste onderdeel slaagt. Met betrekking tot onderdeel 4 van het incidenteel middel merk ik op dat bescherming van gerechtvaardigd vertrouwen, zoals die onder meer tot uitdrukking komt in art. 3:36 BW en art. 3:61 BW, wellicht van pas komt wanneer de vraag aan de orde is of degene die achter de balie van het belastingkantoor staat bevoegd is om stukken die bestemd zijn voor (een orgaan van) de Belastingdienst in ontvangst te nemen. Bescherming van gerechtvaardigd vertrouwen is mijns inziens niet aan de orde als het gaat om de rechtsvraag of een (op zichzelf rechtsgeldige) betekening is gedaan aan de Ontvanger ‘in persoon’.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e, en de alinea staat in dat document op bytes 32224 tot 32963.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/82da83958e17adf89bdce28112d05ef98365b7f84dd02e22f4b36651e973638e | shasum -a 256