Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2016
Onder 6.18. Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:35.
Middel 5 klaagt dat het hof bij de beoordeling van de grondslagen voor aansprakelijkheid van Dexia gelegen in art. 6:76 BW, art. 6:171 BW en art. 6:172 BW veronderstellenderwijs ervan uitgaat dat [eiser] als financieel adviseur is opgetreden en dat Dexia hiervan op de hoogte was, althans behoorde te zijn (rov. 4.10.3). Hetzelfde heeft het hof – aldus het middel – gedaan in rov. 4.9.5 over de beleggingstechnische gebreken (middel 3), in rov. 4.14.15/18 over de bijzondere zorgplicht van Spaar Select voor, kort gezegd, het beleggingsprofiel van [eiser] (middel 2) en in rov. 4.14.20/22 over de verdeling van de schade op basis van art. 6:101 BW (middel 1). Uit de bewijslevering kunnen evenwel feiten en omstandigheden over de verhouding tussen Spaar Select tot [eiser] en Dexia naar voren komen die van invloed zijn op de juridische beoordeling van al deze kwesties, zelfs als de bewijslevering niet slaagt, aldus het middel. Door over deze kwesties bindende eindbeslissingen te nemen, heeft het hof [eiser], zo betoogt het middel, ongeoorloofd benadeeld en blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting met betrekking tot zijn vrijheid om het verloop van het geding te bepalen. De benadeling van [eiser] volgt volgens het middel uit het feit dat volgens de geldende jurisprudentie nog altijd uitgangspunt is dat het hof in het verdere verloop van het geding aan zijn bindende eindbeslissingen is gebonden en dat hij slechts bij uitzondering, als de eisen van een goede procesorde dat meebrengen en nadat partijen in de gelegenheid zijn gesteld zich dienaangaande uit te laten, van een beslissing kan terugkomen. Ook in de fase van de bewijslevering kan de aanpak van het hof de rechtspositie van [eiser] onterecht nadelig beïnvloeden, bijvoorbeeld omdat het hof, uitgaande van de gedachte dat de onderdelen van het juridische debat tussen partijen door bindende eindbeslissingen heeft afgesloten, [eiser] in de bewijslevering beperkt en daardoor onvoldoende gelegenheid geeft om feiten en omstandigheden over de verhouding van Spaar Select tot [eiser] aan Dexia te doen blijken. In ieder geval moet het hof in zijn eindarrest rekening houden met uit de bewijslevering blijkende feiten en omstandigheden door op basis daarvan de bindende eindbeslissingen van het onderhavige tussenarrest te heroverwegen en zo nodig daarvan terug te komen. Uit een oogpunt van proceseconomie verdient het aanbeveling dat uw Raad dit ook met zoveel woorden uitspreekt, aldus dit middel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1d29a2298c25d24ad72742e5d24a1cfe26b8c6d540e9e993c5240886e9c9ef95. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1d29a2298c25d24ad72742e5d24a1cfe26b8c6d540e9e993c5240886e9c9ef95, en de alinea staat in dat document op bytes 240891 tot 243383.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1d29a2298c25d24ad72742e5d24a1cfe26b8c6d540e9e993c5240886e9c9ef95 | shasum -a 256