Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2016

Onder 3.24. Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:36.

Uit de hiervoor genoemde arresten komt naar voren dat de bijzondere zorgplicht van de bank met zich brengt dat de bank onder omstandigheden een zekere onderzoeksplicht heeft. De overwegingen van uw Raad komen immers erop neer dat op het moment dat de bank bekend moet zijn geraakt met de ongebruikelijke beleggingsactiviteiten op de rekeningen van haar rekeninghouder, de bank zich gelet op haar specifieke positie en deskundigheid bewust moet zijn geweest van het daaraan verbonden ‘gevaar’ , te weten dat er mogelijk in strijd met de wet beleggingsactiviteiten plaatsvonden. Gelet op de bijzondere zorgplicht die de maatschappelijke functie van de Bank meebrengt ten opzichte van derden met wier belangen zij rekening behoort te houden op grond van hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt, had de Bank – aldus uw Raad – vanaf het moment waarop zij zich realiseerde dat mogelijk in strijd met de Wte werd gehandeld zich daaromtrent zekerheid moeten verschaffen, welke zekerheid zij zich door onderzoek had kunnen verschaffen. De Bank heeft jegens de derden/beleggers onzorgvuldig gehandeld door dat niet te doen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/106cc5c7035fe91c0fc173e55392a970b6e4b9f89efa001e9b079c08d183af10. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 106cc5c7035fe91c0fc173e55392a970b6e4b9f89efa001e9b079c08d183af10, en de alinea staat in dat document op bytes 101868 tot 103071.