Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 april 2016

Onder 5.8 Parket bij de Hoge Raad 28 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:369.

Deze benadering van bestaande althans bij de verdragsonderhandelingspartner bekende internrechtelijke ficties lijkt dezelfde te zijn als die van Kavelaars in zijn in 5.5. geciteerde noot bij HR BNB 2005/233 (zijn “hoofdbenadering c” van ficties die bestaan voorafgaande aan het sluiten van het verdrag: zijn voorkeur heeft dat zij slechts doorwerken in het verdrag als er een expliciete voorziening voor is getroffen in het verdrag; tegen doorwerking van andere ficties wordt de belastingplichtige beschermd door de goede trouw jegens de verdragspartner). In de noot in BNB 2011/160 meent Kavelaars niettemin dat deze benadering nuancering behoeft (voetnoten niet overgenomen):

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fb0e3ec557f1667d7f1107aebcbfb08a5e8d2f7644c671f78af5ff1bb5518f3a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fb0e3ec557f1667d7f1107aebcbfb08a5e8d2f7644c671f78af5ff1bb5518f3a, en de alinea staat in dat document op bytes 93082 tot 93811.