Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2016
Onder 2.3. Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2016, ECLI:NL:PHR:2016:379.
“Goodwill valt volgens vaste jurisprudentie van het EHRM onder het bereik van het begrip eigendom zoals dat wordt beschermd door art. 1 Eerste Protocol (vgl. Van Marle e.a. t. Nederland , EHRM 26 juni 1986, nr. 8543/79; 8674/79; 8675/79; 8685/79, Series A, Vol. 101, NJ 1987, 581, m. nt. Alkema). Toekomstige inkomsten worden evenwel alleen aangemerkt als ‘eigendom’ wanneer zij zijn verdiend of wanneer op deze inkomsten een rechtens afdwingbare aanspraak bestaat (vgl. bijv. Ian Edgar [Liverpool] Ltd. t. Verenigd Koninkrijk , EHRM 26 januari 2000, nr. 37683/97, Reports 2000-I). De gedachte achter dit onderscheid is dat goodwill een economische waarde vertegenwoordigt, terwijl men in het geval van toekomstige inkomsten de spreekwoordelijke beer eerst nog moet schieten.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49d9ca1e433b8ce32984a82217af8353f07d52be3920b0133c1843394acdc6a5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49d9ca1e433b8ce32984a82217af8353f07d52be3920b0133c1843394acdc6a5, en de alinea staat in dat document op bytes 15340 tot 16444.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/49d9ca1e433b8ce32984a82217af8353f07d52be3920b0133c1843394acdc6a5 | shasum -a 256