Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2016

Onder 2.20. Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 mei 2016, ECLI:NL:PHR:2016:379.

In HR 3 april 1998, NJ 1998/726 m.nt. T. Koopmans (aangehaald in onderdeel 2.6) ging het om de vraag of het door de overheidsmaatregel toegebrachte nadeel op onevenredige wijze moest worden gedragen door één bepaald individu, althans door een beperkte groep . Wat er zij van de discussie of in zo’n geval rekening gehouden mag worden met omstandigheden die buiten de door de overheidsmaatregel ‘aangetaste’ activiteit liggen, zoals de vermogenspositie van de individuele benadeelde of diens mogelijkheden om elders andere inkomsten te verwerven, het hof heeft in rov. 2.4 een aantal concrete omstandigheden aangestipt die in ieder geval van belang kunnen zijn voor het antwoord op de vraag of sprake is van een individuele en excessieve last (d.w.z. een last die de normale bedrijfsrisico’s te boven gaat). Het hof kon op die basis tot zijn slotsom komen dat niet is gebleken van strijdigheid met art. 1 Eerste Protocol EVRM .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/49d9ca1e433b8ce32984a82217af8353f07d52be3920b0133c1843394acdc6a5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 49d9ca1e433b8ce32984a82217af8353f07d52be3920b0133c1843394acdc6a5, en de alinea staat in dat document op bytes 36824 tot 37900.