Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2016
Onder 5.6. Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2016, ECLI:NL:PHR:2016:406.
Dat uit de enkele omstandigheid dat verdachte niet heeft gehandeld in een ogenblikkelijke gemoedsopwelling de voorbedachte raad nog niet is af te leiden betekent niet dat omgekeerd er geen voorbedachte raad kan zijn wanneer verdachte wel in een hevige gemoedsopwelling heeft gehandeld. Ik denk daarbij aan de gevallen waarin het besluit om de ander van het leven te beroven na wikken en wegen is genomen en de verdachte zich de algemene bereidheid heeft eigengemaakt om toe te slaan wanneer het moment daar is, en bijvoorbeeld maatregelen heeft genomen om ook wanneer dat moment onverwachts komt in staat te zijn dat besluit daadwerkelijk uit te voeren - bijvoorbeeld door steeds een daartoe bestemd wapen te dragen - en dan, wanneer dat moment zich aandient, overgaat tot uitvoering van het eerder genomen besluit, en daarbij ten prooi is aan hevige emotie. Uiteindelijk gaat het er in zo een geval om dat de hevige emotie van het moment niet de enige kracht is die verdachte drijft tot zijn daad maar slechts een begeleidende omstandigheid van de uitvoering van een eerder genomen besluit.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a95ab3b57c222179f24a9a80a9796cfab780d9b03f4ddcf2499746ce0921df38. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a95ab3b57c222179f24a9a80a9796cfab780d9b03f4ddcf2499746ce0921df38, en de alinea staat in dat document op bytes 70934 tot 72038.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a95ab3b57c222179f24a9a80a9796cfab780d9b03f4ddcf2499746ce0921df38 | shasum -a 256