Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2016
Onder 11.7.3. Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2016, ECLI:NL:PHR:2016:406.
De Staatssecretaris gaf in antwoord op de eerste drie vragen van het kamerlid Schouw te kennen dat hij uitvoering heeft gegeven aan de inhoud van het vonnis in kort geding van 10 juli 2014. Bij de beantwoording van de vragen 4 en 5 wees de Staatssecretaris erop dat bij de beslissing op een gratieverzoek alle individuele omstandigheden van de levenslanggestrafte worden meegenomen. In het antwoord op de vragen 6, 7 en 12 merkte de Staatssecretaris op dat uitgangspunt bij het opleggen van een levenslange gevangenisstraf is dat de veroordeelde niet meer terugkeert in de samenleving, hetgeen niet betekent dat de veroordeelde nooit meer vrij kan komen. Ook voor levenslang gestraften bestaat de mogelijkheid van gratie. Door de mogelijkheid van gratie is een levenslange gevangenisstraf zowel juridisch als feitelijk verkortbaar, zoals het EHRM eist. De Staatssecretaris gaf zijn voornemen te kennen zich nader te bezinnen over de consequenties die het kort-gedingvonnis heeft voor de tenuitvoerlegging van een levenslange gevangenisstraf en het gratiebeleid, en de Kamer van de resultaten van deze bezinning op de hoogte te stellen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a95ab3b57c222179f24a9a80a9796cfab780d9b03f4ddcf2499746ce0921df38. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a95ab3b57c222179f24a9a80a9796cfab780d9b03f4ddcf2499746ce0921df38, en de alinea staat in dat document op bytes 240764 tot 241976.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a95ab3b57c222179f24a9a80a9796cfab780d9b03f4ddcf2499746ce0921df38 | shasum -a 256