Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2016

Onder 10.10 Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:41.

Bij de toetsing van de regeling als zodanig aan artikel 1 EP richt ik me hierna met name op twee aspecten. Het eerste betreft de vraag of het toelaatbaar is om bij de heffing ter zake van inkomsten uit vermogen binnen het kader van een inkomstenbelasting die inkomsten fictief vast te leggen op 4% van de vermogenswaarde. Onder meer is hierbij relevant de vraag of de heffing als willekeurig moet worden beoordeeld. Het tweede aspect komt aan de orde wanneer de vermogensrendementsheffing wordt gepercipieerd als een heffing naar het vermogen. Dan komt de vraag aan de orde of een heffing van 1,2% over het vermogen, zonder rekening te houden met inkomsten uit dat vermogen, toelaatbaar is, dan wel of de heffing een confiscatoir karakter kent.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7991adaa762e4c2c1606b091202588bb99d7f51e2079afcc0bc61647051a42f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7991adaa762e4c2c1606b091202588bb99d7f51e2079afcc0bc61647051a42f8, en de alinea staat in dat document op bytes 145202 tot 146087.