Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2016

Onder 4.6 Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 mei 2016, ECLI:NL:PHR:2016:443.

(…) Onze reactie hierop is dat vennoten in een vennootschap onder firma en beherend vennoten in een commanditaire vennootschap steeds hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schulden van de vennootschap. Voor maten in een openbare maatschap geldt daarentegen als uitgangspunt dat zij ieder voor een gelijk deel aansprakelijk zijn voor zaaksschulden. Onder omstandigheden kunnen ook zij op grond van artikel 6:6, tweede lid, of artikel 7:407, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek overigens hoofdelijk aansprakelijk zijn. In alle genoemde gevallen voldoen de deelnemers aan het samenwerkingsverband aan het criterium dat zij rechtstreeks worden verbonden voor verbintenissen betreffende de onderneming. Dat de aansprakelijkheid niet altijd een hoofdelijke is, doet daar niet aan af, omdat hun aansprakelijkheid niet is gemaximeerd tot een bepaald bedrag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/64a9f4635935ecadc600bd1dc0e5e397afb7547b33ec956e258de872970ae6d4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 64a9f4635935ecadc600bd1dc0e5e397afb7547b33ec956e258de872970ae6d4, en de alinea staat in dat document op bytes 72513 tot 73380.