Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2016

Onder 5.3. Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:460.

Op vraag ii) kom ik later terug, maar nu eerst vraag i). Dat art. 359a Sv enkel toepassing vindt op vormverzuimen begaan ‘bij het voorbereidend onderzoek’ en dat met bij een voorbereidend onderzoek in de zin van art. 359a in verbinding met art. 132 Sv wordt bedoeld “in het onderzoek tegen de verdachte ter zake van het aan hem tenlastegelegde waarover de rechter die in art. 359a Sv wordt bedoeld, heeft te oordelen”, is in ieder geval sinds HR 30 maart 2004, ECLI:NL:HR:2004:AM2533, NJ 2004/376 (Loze afvoerpijp) bestendige rechtspraak.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/83734eb62b76522bf37e9f8899eb8d4b1b9ae1f287f0104ace116270eb3bb8b1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 83734eb62b76522bf37e9f8899eb8d4b1b9ae1f287f0104ace116270eb3bb8b1, en de alinea staat in dat document op bytes 68744 tot 69304.