Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016
Onder 5 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:473.
“6. De grief slaagt. Artikel 3:316 BW bepaalt, voor zover hier van belang, dat de verjaring van een rechtsvordering wordt gestuit door het instellen van een eis, alsmede door iedere andere daad van rechtsvervolging van de zijde van de gerechtigde (…). De laatste zinsnede is bij gewijzigd ontwerp ingevoegd. De memorie van antwoord licht toe dat de toevoeging tot uitdrukking brengt dat de verjaring niet alleen wordt gestuit door een handeling van de gerechtigde zelf, maar ook door een zodanige handeling van een ander aan diens zijde, en geeft daarbij het voorbeeld van een conservatoir derdenbeslag door een schuldeiser van de crediteur dat, zo vervolgt de memorie, dus ook in de verhouding tussen crediteur en debiteur stuitende werking heeft. Hieruit vloeit voort dat de in 1996 en 1997 gelegde executoriale en conservatoire derdenbeslagen door de Gemeente als schuldeiser van CMI ook stuitende werking hebben in de verhouding tussen CMI en NN.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/22f94d47fb3d39e60cb96f422326f2f54d0afa1d2785ff3339f324b974239f8f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 22f94d47fb3d39e60cb96f422326f2f54d0afa1d2785ff3339f324b974239f8f, en de alinea staat in dat document op bytes 63622 tot 64589.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/22f94d47fb3d39e60cb96f422326f2f54d0afa1d2785ff3339f324b974239f8f | shasum -a 256