Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016
Onder 5 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:473.
31. Het wordt tijd dieper in te gaan op de merites van het middel. In cassatie wordt het hof verweten dat het in zijn arrest van 16 december 2014, rov. 3.7, 3.7.1 en 3.7.2, heeft miskend dat het in deze zaak gaat om stuiting van de verjaring van de bevoegdheid tot tenuitvoerlegging van een rechterlijke uitspraak – zoals geregeld in art. 3:324 jo. 3:325 jo. 3:319 BW – en niet stuiting van de verjaring van een rechtsvordering zoals bedoeld in art. 3:316 jo. 3:319 BW. Het gevolg daarvan is dat het hof, zo kan Pegroam in cassatie worden begrepen, ten onrechte (voor 2007) uitkomt bij de conclusie dat een executoriaal derdenbeslag voortdurend stuitende werking heeft. Op dat fundament heeft het hof vervolgens in rov. 3.8 e.v. cruciale conclusies gebaseerd in de onderhavige beroepsaansprakelijkheidszaak: het hof heeft geoordeeld dat [verweerder] geen beroepsfout heeft gemaakt en dus niet aansprakelijk is jegens Pegroam.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/22f94d47fb3d39e60cb96f422326f2f54d0afa1d2785ff3339f324b974239f8f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 22f94d47fb3d39e60cb96f422326f2f54d0afa1d2785ff3339f324b974239f8f, en de alinea staat in dat document op bytes 73049 tot 73992.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/22f94d47fb3d39e60cb96f422326f2f54d0afa1d2785ff3339f324b974239f8f | shasum -a 256