Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016

Onder 5 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:473.

Ingevolge art. 3:324 lid 1 BW verjaart de bevoegdheid van Pegroam tot tenuitvoerlegging van deze rechterlijke uitspraak door verloop van twintig jaren. Doordat [verweerder] – destijds de advocaat van Pegroam – op 28 mei 2002 op verzoek van Pegroam tot verhaal van de vordering executoriaal derdenbeslag heeft gelegd onder Nemaco op vorderingen van [betrokkene 2] op Nemaco, is deze verjaringstermijn – de verjaringstermijn van 20 jaar met betrekking tot de bevoegdheid van Pegroam tot tenuitvoerlegging van de rechterlijke uitspraak – inderdaad gestuit. Art. 3:325 lid 2 onder c BW bepaalt immers dat iedere daad van tenuitvoerlegging de verjaring stuit. Uit de parlementaire geschiedenis bij art. 3:325 BW is op te maken dat ook het leggen van executoriaal derdenbeslag is op te vatten als een ‘daad van tenuitvoerlegging’.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/22f94d47fb3d39e60cb96f422326f2f54d0afa1d2785ff3339f324b974239f8f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 22f94d47fb3d39e60cb96f422326f2f54d0afa1d2785ff3339f324b974239f8f, en de alinea staat in dat document op bytes 74375 tot 75289.