Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016

Onder 4 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:473.

12. De klacht van Pegroam is in eerste instantie gericht tegen het inhoudelijke verjaringsoordeel van het hof in diens rov. 3.7, 3.7.1 en 3.7.2 dat vervolgens in rov. 3.8 en 3.10 uitmondt in het oordeel dat van (aansprakelijkheid voor) een beroepsfout van [verweerder] geen sprake is en uiteindelijk in rov. 3.11 leidt tot afwijzing van de vorderingen van Pegroam jegens [verweerder]. In de cassatiedagvaarding heeft Pegroam onder 6 echter wel degelijk aangegeven dat de voortbouwende oordelen in rov. 3.8-3.11 bij gegrondbevinding van de klacht niet in stand kunnen blijven. Daarmee is duidelijk dat Pegroam met haar aanval in cassatie op de rov. 3.7-3.7.2 beoogt ook de oordelen van het hof in de daarop volgende rechtsoverwegingen aan te vallen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/22f94d47fb3d39e60cb96f422326f2f54d0afa1d2785ff3339f324b974239f8f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 22f94d47fb3d39e60cb96f422326f2f54d0afa1d2785ff3339f324b974239f8f, en de alinea staat in dat document op bytes 34375 tot 35137.