Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016

Onder 2.13 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:474.

“(…) In een geding waarin één partij is gedagvaard en waarin de eiser is verschenen, hangt het van het al of niet verschenen zijn van de gedaagde af, of de rechter een vonnis op tegenspraak dan wel een vonnis bij verstek wijst. Wanneer de gedaagde, nadat tegen hem verstek is verleend, alsnog in het geding verschijnt, vervallen van rechtswege de gevolgen van het tegen hem verleende verstek, behalve ten aanzien van de daardoor veroorzaakte kosten (art. 89a Rv). Hieruit volgt dat het na de zuivering van het verstek gewezen eindvonnis een op tegenspraak gewezen vonnis is, waartegen het rechtsmiddel van verzet niet openstaat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a011cc53607b5b11f9e0b0aa191f54721c959ee340f30a06b85b3dd869b820e9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a011cc53607b5b11f9e0b0aa191f54721c959ee340f30a06b85b3dd869b820e9, en de alinea staat in dat document op bytes 32011 tot 32659.