Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016

Onder 2.28 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:474.

Indien, zoals hiervoor onder 2.23 voorgesteld, in het voetspoor van de jurisprudentie over verschoonbare termijnoverschrijding – in het bijzonder het hiervoor genoemde arrest van 4 december 2015 – aan [eisers] een nieuwe termijn wordt gegeven voor het instellen van cassatieberoep komt dit neer op een analogische toepassing van art. 340 Rv. Voor deze analogische toepassing is alleen plaats indien [eisers] tijdig verzet hebben ingesteld. Het hof heeft de tijdigheid van het ingestelde verzet niet beoordeeld, althans niet kenbaar. In nr. 12 van de verzetdagvaarding is evenwel vermeld dat [eisers] eerst op 25 maart 2014 door betekening van het arrest van 4 maart 2014 op de hoogte zijn geraakt van het arrest. Als productie 3 bij de verzetdagvaarding is een betekeningsexploot van 24 maart 2014 overgelegd. Daarvan uitgaande is het verzet tijdig ingesteld en is aan de voorwaarde voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a011cc53607b5b11f9e0b0aa191f54721c959ee340f30a06b85b3dd869b820e9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a011cc53607b5b11f9e0b0aa191f54721c959ee340f30a06b85b3dd869b820e9, en de alinea staat in dat document op bytes 47820 tot 48728.