Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016
Onder 2.9 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:474.
Sinds de inwerkingtreding van de Wet griffierechten burgerlijke zaken op 1 januari 2011 levert het niet tijdig voldoen van het griffierecht door geïntimeerde een extra grond op voor verstekverlening. Indien geïntimeerde in het geding is verschenen, maar niet tijdig – binnen vier weken na zijn verschijning in het geding – het verschuldigde griffierecht heeft betaald, wordt door de rechter verstek tegen hem verleend op de voet van art. 139 Rv tenzij de appellant het griffiegeld evenmin tijdig heeft voldaan (art. 128 lid 6 Rv).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a011cc53607b5b11f9e0b0aa191f54721c959ee340f30a06b85b3dd869b820e9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a011cc53607b5b11f9e0b0aa191f54721c959ee340f30a06b85b3dd869b820e9, en de alinea staat in dat document op bytes 28239 tot 28917.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a011cc53607b5b11f9e0b0aa191f54721c959ee340f30a06b85b3dd869b820e9 | shasum -a 256