Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016
Alinea 142 Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:476.
Schrift - in de meer letterlijke betekenis van het woord - veronderstelt kenbaarheid uit tekens (letters, cijfers enz.) op een stuk materie, meestal papier, maar het kan ook linnen, hout, metaal enz. zijn en tegenwoordig dus ook een computerscherm of het scherm van een mobiele telefoon. In 2007 heeft de Hoge Raad beslist dat een bedreiging die is geuit door middel van een e-mailbericht een 'schriftelijke' bedreiging is in de zin van art. 285 Sr. Het komt mij voor dat een e-mailbericht dan ook als een geschrift in de zin van art. 225 Sr kan worden aangemerkt. Optisch-visueel (kunnen) kennisnemen is, zo wij zagen, weliswaar niet per se noodzakelijk. Maar wel wordt verondersteld dat de tekens 'sprachbezogen' zijn.”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6d06dc0ca8c186dd2696bfa386ed637dbed40f1acb0bc2adb4e4aa29b4a0a5d6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6d06dc0ca8c186dd2696bfa386ed637dbed40f1acb0bc2adb4e4aa29b4a0a5d6, en de alinea staat in dat document op bytes 54046 tot 54782.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6d06dc0ca8c186dd2696bfa386ed637dbed40f1acb0bc2adb4e4aa29b4a0a5d6 | shasum -a 256