Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2016
Onder 2.3 Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:48.
Bij vonnis van 11 oktober 2012 heeft de kantonrechter de vorderingen afgewezen. Daartoe heeft de kantonrechter, samengevat, als volgt overwogen. De betalingsverplichtingen van Alcatel-Lucent omvatten niet meer dan hetgeen is bepaald in art. 5.2 van de uitvoeringsovereenkomst, in samenhang met het herstelplan. Op grond hiervan is Alcatel-Lucent gehouden tot het betalen van maximaal 150% van de (voorschotdoorsnee)premie per jaar. Alcatel-Lucent heeft die verplichting erkend. Over de jaren 2009 t/m 2012 heeft zij de verzochte herstelbetalingen gedaan en zij heeft toegezegd haar verplichtingen uit de overeenkomst en het herstelplan ook voor de toekomst te zullen nakomen. Partijen zijn het erover eens dat gedurende de looptijd van de overeenkomst op Alcatel-Lucent de verplichting rustte om naast de herstelbetalingen extra kosten gerelateerd aan de jaarlijkse pensioenopbouw (kostenopslagen) te betalen. Deze kosten hebben echter betrekking op de uitvoering van de pensioenregeling voor het betreffende jaar. Een redelijke uitleg van de exit-bepaling brengt mee dat Alcatel-Lucent er bij het einde van de overeenkomst geen rekening mee behoefde te houden dat op haar de verplichting zou blijven rusten om de kostenopslagen te betalen, ook al vindt de jaarlijkse pensioenopbouw niet meer bij het Pensioenfonds plaats. De stelling dat deze verplichting ook uit het herstelplan voortvloeit, wordt als onvoldoende onderbouwd verworpen. De verplichting om bij het einde van de uitvoeringsovereenkomst de herstelbetalingen en kostenopslagen tot 2023 in gekapitaliseerde vorm in één keer te voldoen, staat niet in de uitvoeringsovereenkomst en ook niet in het herstelplan. De stelling dat deze verplichting voortvloeit uit de aard van de overeenkomst, de gewoonte en de redelijkheid en billijkheid, is onvoldoende onderbouwd. Voor de gevorderde kostenopslagen ontbreekt in het geheel de grondslag. De stelling dat sprake is van een onrechtmatige daad van Alcatel-Lucent wordt verworpen. Dat het Pensioenfonds zonder betaling van de gevorderde betalingen niet aan zijn verplichtingen kan voldoen, is onvoldoende onderbouwd. Bovendien is onvoldoende gesteld om causaal verband te kunnen aannemen. Het beroep op ‘de driehoeksverhouding’ tussen werkgever, werknemer en de pensioenuitvoerder faalt eveneens: een tekortkoming in de nakoming van de verbintenissen tussen het Pensioenfonds en zijn deelnemers levert niet zonder meer een grondslag voor de onderhavige vordering op. Tot slot is evenmin sprake van onvoorziene omstandigheden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7c4a6de013c3a54f506243618f2e223a8bebba0c6a4396c93c153d443ed0508c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7c4a6de013c3a54f506243618f2e223a8bebba0c6a4396c93c153d443ed0508c, en de alinea staat in dat document op bytes 21755 tot 24369.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7c4a6de013c3a54f506243618f2e223a8bebba0c6a4396c93c153d443ed0508c | shasum -a 256