Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2016
Onder 3.38 Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2016, ECLI:NL:PHR:2016:487.
“34. Zoals het Hof heeft geoordeeld in de punten 62 en 63 van het arrest Fastweb (C‑19/13, EU:C:2014:2194) heeft de Uniewetgever met de bepalingen van richtlijn 89/665 beoogd om de belangen van de afgewezen inschrijver te verzoenen met de belangen van de aanbestedende dienst en die van de geselecteerde onderneming, door het recht om een kort geding aanhangig te maken, welke procedure de lidstaten verplicht zijn voor een dergelijke inschrijver open te stellen, te beperken tot de periode voorafgaand aan de sluiting van de overeenkomst. Na deze periode hoeft voor deze inschrijver enkel de mogelijkheid open te staan om een vordering tot schadevergoeding overeenkomstig artikel 2, lid 1, onder c), van richtlijn 89/665 in te stellen (zie in deze zin ook arrest Alcatel Austria e.a., C‑81/98, EU:C:1999:534, punt 37 ).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/742761d716705e2a9991a84218c8d984bc5b6ab8601d85b6d49f5989526101e6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 742761d716705e2a9991a84218c8d984bc5b6ab8601d85b6d49f5989526101e6, en de alinea staat in dat document op bytes 110702 tot 111604.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/742761d716705e2a9991a84218c8d984bc5b6ab8601d85b6d49f5989526101e6 | shasum -a 256