Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2016

Onder 7.4 Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:499.

Tot slot acht belanghebbende ook het oordeel van het Hof dat geen sprake is van een buitensporige last, onbegrijpelijk (het zesde cassatiemiddel ). Naar de mening van belanghebbende geldt voor de beoordeling of sprake is van een buitensporige last een veel lagere maatstaf dan het Hof hanteert. Hij wijst in dit kader naar punt 3.4.8 van HR BNB 2010/335 . Belanghebbende wijst naast de verschuldigde mrb, op de waardedaling van de oldtimer en op de kosten die hij moet maken voor vervangend vervoer en de stalling van de oldtimer in de maanden januari, februari en december. Ook is belanghebbende van mening dat bij gebruikmaking van de overgangsregeling, het verbod om in de maanden januari, februari en december gebruik te maken van de openbare weg, leidt tot strijdigheid met het vrije verkeer van personen. De Staatssecretaris meent dat het oordeel van het Hof inzake de individuele en buitensporige last getuigt van een juiste rechtsopvatting. Voorts berusten de oordelen van het Hof naar de mening van de Staatssecretaris op een aan het Hof voorbehouden waardering van de bewijsmiddelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e89f5a90dc8a5dffb0c1ca053ccdcc2d685cd088a8089eef2c9aed767bae92a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e89f5a90dc8a5dffb0c1ca053ccdcc2d685cd088a8089eef2c9aed767bae92a9, en de alinea staat in dat document op bytes 65291 tot 66527.