Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016

Onder 4.7 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:50.

[verweerder] heeft in dit verband beroep gedaan op de brieven van zijn toenmalige advocaten van 2 mei 1995 en 21 augustus 1995 (zie producties 32 en 33 bij dagvaarding in eerste aanleg), zijn eigen brieven van 5 juni 1996 (productie 24) en 14 mei 1997 (productie 25) en de brieven van Mr. Garretsen van 24 september 1999 en 2 april 2001 (productie 34 en 35). De inhoud van enkele van deze brieven is hiervoor onder 3.8,3.12 en 3.15 deels (en ten dele geparafraseerd) weergegeven. [verweerder] heeft gesteld dat deze brieven de verjaring hebben gestuit. Voorts heeft hij gewezen op de in 2000 tussen partijen gevoerde procedure.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/29da6a4968160b35a4712976363069df984be1f8257348506eba22a30c42cb6b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 29da6a4968160b35a4712976363069df984be1f8257348506eba22a30c42cb6b, en de alinea staat in dat document op bytes 119711 tot 120361.