Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016

Onder 2.47 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:50.

Subonderdeel 4.1 klaagt dat ’s hofs beslissing op dit punt rechtens onjuist, althans zonder nadere motivering, die ontbreekt, onbegrijpelijk is. Naar het hof heeft vastgesteld in rov. 3.13, is tussen partijen een procedure gevoerd over aanpassing van de tussen partijen gesloten overeenkomst. Voorafgaand aan die procedure heeft de advocaat van [verweerder] de door het hof bedoelde brief aan de Gemeente verzonden, waarin hij de zojuist bedoelde procedure heeft aangekondigd indien de Gemeente niet zou willen meewerken aan aanpassing van de tussen partijen gesloten overeenkomst, dan wel door [verweerder] een geschikte locatie te bieden voor de stoeterij dan wel, indien dat niet mogelijk zou zijn, door het betalen van aanvullende of algehele schadevergoeding. Naar de Gemeente heeft gesteld, hing de bedoelde brief en procedure dan ook samen met de tussen partijen gesloten overeenkomst op grond waarvan [verweerder] gehouden was de [a-straat 1] te ontruimen en niet met een vordering gebaseerd op onrechtmatige daad wegens de vernietiging van de vergunning.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/29da6a4968160b35a4712976363069df984be1f8257348506eba22a30c42cb6b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 29da6a4968160b35a4712976363069df984be1f8257348506eba22a30c42cb6b, en de alinea staat in dat document op bytes 128104 tot 129230.