Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2016
Onder 4.17 Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2016, ECLI:NL:PHR:2016:500.
Wanneer sprake is van een ongelijke behandeling, wordt onderzocht of daarvoor een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat die niet disproportioneel is. Ten aanzien van zowel de vraag of sprake is van gelijke gevallen, als die of een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat voor een gemaakt onderscheid, komt aan de wetgever ‘een zekere beoordelingsvrijheid’ toe. In verschillende arresten is een beroep door de regering op doelmatigheidsgronden als rechtvaardiging voor het maken van onderscheid aanvaard; budgettaire argumenten tellen echter niet. Verschillen van financieel gering belang vormen geen grond voor ingrijpen door de rechter; ook kan van de wetgever niet worden verlangd dat hij zo uitgewerkte regelingen treft dat elke denkbare ongelijkheid of onevenredigheid wordt vermeden. De Hoge Raad grijpt evenmin in wanneer de desbetreffende regeling reeds door de wetgever is gewijzigd dan wel wanneer een wijziging is aangekondigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/caa1a7e327053f5ca91fd2713495df85085695346786ba8123fc4a34d68208a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt caa1a7e327053f5ca91fd2713495df85085695346786ba8123fc4a34d68208a9, en de alinea staat in dat document op bytes 85488 tot 86461.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/caa1a7e327053f5ca91fd2713495df85085695346786ba8123fc4a34d68208a9 | shasum -a 256