Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2016
Onder 4.18 Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2016, ECLI:NL:PHR:2016:500.
In dit laatste arrest [het Tandartsvrouw-arrest, HR 27 september 1989, nr. 24 297, BNB 1990/61; A-G] blijkt dat de Hoge Raad twee vereisten hanteert. Het eerste vereiste is de ongelijke behandeling van gelijke gevallen. Een principiële moeilijkheid is dat gevallen nooit volkomen gelijk aan elkaar zijn. Een volkomen identiteit van gevallen is in onze wereld uitgesloten, al is het maar omdat elk geval zich op een ander punt van het assenstelsel van tijd en ruimte bevindt. Toch heeft het in de context van de toetsing aan het gelijkheidsbeginsel zin om te blijven spreken van gelijke gevallen. Gelijkheid is er vanuit een bepaald perspectief. Vanuit een bepaalde invalshoek kunnen verschillende gevallen dezelfde kenmerken vertonen en daarom gelijk worden genoemd. In het geval van een wettelijke regel wordt dat perspectief gevormd door de doelstelling van die regel. De wettelijke regel poneert de gelijkheid van gevallen door aan gevallen die bepaalde kenmerken gemeen hebben hetzelfde rechtsgevolg te verbinden. Deze kenmerken worden de relevante kenmerken genoemd. Zij zijn relevant vanuit de doelstelling van de wettelijke regeling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/caa1a7e327053f5ca91fd2713495df85085695346786ba8123fc4a34d68208a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt caa1a7e327053f5ca91fd2713495df85085695346786ba8123fc4a34d68208a9, en de alinea staat in dat document op bytes 87328 tot 88482.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/caa1a7e327053f5ca91fd2713495df85085695346786ba8123fc4a34d68208a9 | shasum -a 256