Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2016

Onder 4.23 Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2016, ECLI:NL:PHR:2016:500.

Als de lijn van Hof Arnhem-Leeuwarden goedkeuring krijgt van de Hoge Raad, dan heeft dit nogal ingrijpende gevolgen. Het zou namelijk betekenen dat gemeenten die dat willen de rioolheffing kunnen inrichten als een verkapte onroerendezaakbelasting met als belastingplichtige de zakelijk gerechtigde respectievelijk de gebruiker van elke onroerende zaak binnen de gemeentegrenzen en als heffingsmaatstaf de WOZ-waarde. Deze belasting hoeft niet te voldoen aan de wettelijke vereisten van een echte onroerendezaakbelasting (vgl. de recente noot van De Bruin bij HR 16 januari 2015, 13/04173, Belastingblad 2015/100), zij het dat wel de opbrengstlimitering geldt van art. 228a Gemeentewet. Als de overwegingen van Hof Arnhem-Leeuwarden juist zijn, dan is het bereik van de rioolheffing bovendien ruimer dan dat van een andere gemeentelijke bestemmingsheffing: de afvalstoffenheffing. Laatstgenoemde heffing wordt weliswaar geheven ongeacht het gebruik van de gemeentelijke afvaldienst, maar personen jegens wie de gemeente haar inzamelplicht niet nakomt zijn uitdrukkelijk vrijgesteld. Het is de vraag of de wetgever een dergelijk ruim toepassingsbereik voor ogen heeft gehad bij de invoering van een bestemmingsheffing als de rioolheffing.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/caa1a7e327053f5ca91fd2713495df85085695346786ba8123fc4a34d68208a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt caa1a7e327053f5ca91fd2713495df85085695346786ba8123fc4a34d68208a9, en de alinea staat in dat document op bytes 116893 tot 118143.