Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016

Onder 2.1 Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:507.

“6. Het hof is van oordeel dat de rechtbank op juiste gronden het gezag van de moeder over de minderjarigen heeft beëindigd. Het hof neemt de gronden over waarop de rechtbank heeft geoordeeld en beslist en maakt deze tot de zijne. Anders dan de moeder stelt, is in de onderhavige situatie wel degelijk de aanvaardbare termijn verstreken. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat de beantwoording van de vraag wat voor een minderjarige een redelijke termijn is, afhankelijk is van zijn leeftijd en ontwikkeling en dat voor jonge kinderen de aanvaardbare termijn over het algemeen korter zal zijn dan voor oudere. Naar het oordeel van het hof ziet de aanvaardbare termijn niet enkel op de periode na de uithuisplaatsing, maar kan dit eveneens zien op de periode daaraan voorafgaand. De minderjarigen zijn drie respectievelijk twee jaar oud. In de thuissituatie bij de moeder zijn diverse hulpverleningstrajecten vergeefs ingezet. Zo zijn het Uitwijktraject van oktober 2012 tot begin november 2012, en vervolgens Families First, ingezet. Medio april/mei 2013 is Beter Beschermd Plus, een intensieve vorm van ambulante begeleiding, ingezet. Op 3 oktober 2013 is het Uitwijktraject gestart. Gedurende dit traject is gebleken dat de moeder niet in staat is de randvoorwaarden te scheppen die noodzakelijk zijn voor de verzorging en opvoeding van de minderjarigen, die nog erg jong en kwetsbaar zijn. Zo was er sprake van onder meer een vervuilde woonsituatie en persoonlijke problematiek van de ouders. De moeder is onder meer chaotisch en impulsief. Daarnaast is zij onvoldoende in staat om aan te sluiten bij de minderjarigen en toont zij weinig affectie. De begeleide contacten bevestigen het beeld dat de moeder pedagogisch onmachtig is. Het is van belang voor de minderjarigen en de moeder dat duidelijkheid bestaat over hun opvoedingsperspectief. Dat ligt niet langer bij de moeder, maar bij de pleegouders. De minderjarigen ontwikkelen zich daar goed en zijn gehecht aan de pleegouders. Het is op dit moment niet meer verantwoord om te werken aan een terugplaatsing. De gezagsbeëindiging is dan ook terecht uitgesproken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc7147ecd35ee9875ddb407c033a8f0d84460ef302f5225bcd2b6654254a6be9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc7147ecd35ee9875ddb407c033a8f0d84460ef302f5225bcd2b6654254a6be9, en de alinea staat in dat document op bytes 7174 tot 9307.