Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016

Alinea 101 Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:509.

Daarbij neemt het hof in aanmerking dat verdachte - terwijl aangeefsters [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] waren opgenomen in [A] - in zijn hoedanigheid als hulpverlener/begeleider met beide aangeefsters een intensieve vertrouwensband opbouwde door vele gesprekken met hen te voeren en die band na enige tijd te intensiveren door middel van steeds meer fysiek contact. Bovendien heeft verdachte de vertrouwensband met zowel aangeefster [slachtoffer 1] als aangeefster [slachtoffer 2] sterk uitgebreid door veelvuldig berichten te verzenden waaronder berichten met een seksueel getinte inhoud via sms-en internet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1f3af399ad965b9371bcc2eefa17739f72ccd216f7ab9fa76ee963a891d4d706. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1f3af399ad965b9371bcc2eefa17739f72ccd216f7ab9fa76ee963a891d4d706, en de alinea staat in dat document op bytes 39812 tot 40438.