Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016

Alinea 137 Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:509.

27. De strafmotivering van het hof houdt in dat op grond van de Pro Justitia rapportage, de houding van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep en de ernst van de bewezenverklaarde feiten de bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar verklaard dienen te worden. Het rapport van de reclassering (de behandelingsinstelling De Waag) stelt het hof daarmee terzijde. De bewezenverklaringen van de feiten 1 en 2 bevatten gedragingen van de verdachte, die zijn gericht tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van de aangeefsters, welke zelfde grond het hof – niet onbegrijpelijk - in het recidive-perspectief aanvoert om de bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar te verklaren. Daarbij wijs ik erop dat de onderhavige veroordeling betrekking heeft op twee slachtoffers. Ik meen dan ook dat het hof de oplegging van de straf toereikend heeft gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1f3af399ad965b9371bcc2eefa17739f72ccd216f7ab9fa76ee963a891d4d706. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1f3af399ad965b9371bcc2eefa17739f72ccd216f7ab9fa76ee963a891d4d706, en de alinea staat in dat document op bytes 52911 tot 53829.