Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:509.

Gelet op het bovenstaande komt de rechtbank tot de conclusie dat bij de omgang tussen verdachte en [slachtoffer 1] de hulpverlener-patiënt relatie een rol speelde. Hierdoor maakt het voor een wettig en overtuigend bewezen verklaring van het feit niet uit of de seksuele handelingen vrijwillig zijn verricht. De rechtbank merkt echter ten overvloede op, dat indien er bij [slachtoffer 1] al sprake zou zijn geweest van vrijwilligheid met betrekking tot het verrichten van seksuele handelingen, niet aannemelijk is dat enige afhankelijkheid van verdachte daarbij niet van invloed is geweest. Dat [slachtoffer 1] in enkele gevallen het initiatief tot seksuele handelingen nam, doet daaraan niet af.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1f3af399ad965b9371bcc2eefa17739f72ccd216f7ab9fa76ee963a891d4d706. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1f3af399ad965b9371bcc2eefa17739f72ccd216f7ab9fa76ee963a891d4d706, en de alinea staat in dat document op bytes 14256 tot 14965.