Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016
Alinea 43 Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:509.
De uiterlijke verschijningsvorm van de relatie en hetgeen is gesteld omtrent de persoon van aangeefster doet aan het voorgaande niet af. Verdachte was als groepsleider en hulpverlener werkzaam bij [A] . Aangeefster [slachtoffer 1] werd in mei 2008 opgenomen in die instelling en verdachte was van augustus 2008 tot januari 2011 haar groepsleider dan wel persoonlijk begeleider. In die hoedanigheid was verdachte verantwoordelijk voor de zorg aan aangeefster en wist hij dat zij hulpbehoevend was.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1f3af399ad965b9371bcc2eefa17739f72ccd216f7ab9fa76ee963a891d4d706. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1f3af399ad965b9371bcc2eefa17739f72ccd216f7ab9fa76ee963a891d4d706, en de alinea staat in dat document op bytes 19161 tot 19683.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1f3af399ad965b9371bcc2eefa17739f72ccd216f7ab9fa76ee963a891d4d706 | shasum -a 256