Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016

Onder 2.9 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2016, ECLI:NL:PHR:2016:51.

“Het zal bovendien kunnen voorkomen, dat sommige crediteuren nu verschillende titels voor executie zullen verkrijgen; of wel, is de laatste, vervat in dit proces-verbaal, de eenig geldende? Het proces-verbaal van verificatie, hierboven bij art. 121 werd er reeds op gewezen, is eene authentieke akte. Er bestaat geene reden, deze anders te behandelen, dan andere authentieke akten en terwijl in het algemeen op grond van dwaling vernietiging van authentieke akten niet kan worden gevraagd, dit hier te bepalen, en daarmede aan de verificatie hare beteekenis als vaststelling der schuldvorderingen te ontnemen. Werd de door sommigen verlangde bepaling in de wet opgenomen, dan zou steeds in elk faillissement eene hoogst ongewenschte onzekerheid heerschen omtrent de rechten der schuldeischers. De ten slotte gestelde vraag wordt bevestigend beantwoord.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcdd07ba8ef6c86e14e5b36bf7030297d7d259f2a049985a53fa378643f80530. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcdd07ba8ef6c86e14e5b36bf7030297d7d259f2a049985a53fa378643f80530, en de alinea staat in dat document op bytes 31064 tot 31998.