Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016
Onder 3.5 Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:513.
Het principale cassatieberoep bevat twee onderdelen (telkens met subonderdelen), die in het cassatieverzoekschrift de nrs. 5 (e.v.) en 6 (e.v.) hebben meegekregen. Onderdeel 5 richt zich tegen rov. 2.5, en onderdeel 6 tegen rov. 2.6 van de bestreden beschikking. In die (hiervóór al geciteerde) overwegingen concludeert het hof dat Bab haar recht heeft verwerkt om onderhavig enquêteverzoek te doen, nu zij pas op 20 februari 2015 haar bezwaren weer aan de orde heeft gesteld, en Cordial en Turnham er inmiddels gerechtvaardigd op mochten vertrouwen dat Bab zich bij de emissiebesluiten had neergelegd (rov. 2.5). Bab had, ter voorkoming van het wekken van voornoemd vertrouwen, ermee kunnen volstaan aan Cordial en Turnham kenbaar te maken dat zij zich niet bij de besluiten neerlegde, zodat het hof voorbijgaat aan haar betoog dat Bab pas voldoende informatie had na bestudering door KPMG van het CFG-rapport van 30 april 2014 (rov. 2.6).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cf38f08105131fe4f9c0402bab0195678965a45882b4cf4254b96afffef75fab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cf38f08105131fe4f9c0402bab0195678965a45882b4cf4254b96afffef75fab, en de alinea staat in dat document op bytes 23543 tot 24499.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cf38f08105131fe4f9c0402bab0195678965a45882b4cf4254b96afffef75fab | shasum -a 256