Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016

Onder 3.10 Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:513.

Cordial en [A] nemen het standpunt in, dat er een (relevant) verschil bestaat tussen louter tijdsverloop en het stilzitten van een partij. De zaken moeten in hun opvatting zo worden voorgesteld dat stilzitten niet gelijk staat aan tijdsverloop, en veeleer een vorm van nalaten is, en in zoverre een omstandigheid waaraan op zichzelf al gerechtvaardigd vertrouwen kan worden ontleend. Dit lijkt mij onjuist. Even (hier niet aan de orde zijnde) situaties weggedacht waarin het geven van een reactie waar dat in de rede had gelegen, actief (en herhaaldelijk) uit de weg wordt gegaan, is stilzitten op zichzelf m.i. niets (relevants) anders dan het laten verstrijken van tijd. Deze mening lijkt ook Uw Raad toegedaan: uit een zaak uit 2013 blijkt dat Uw Raad het ‘stilzitten’ van een partij (impliciet) gelijkstelt aan het louter verlopen van tijd, en werd geoordeeld dat de rechter ook dan de aanwezigheid van andere omstandigheden dient vast te stellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cf38f08105131fe4f9c0402bab0195678965a45882b4cf4254b96afffef75fab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cf38f08105131fe4f9c0402bab0195678965a45882b4cf4254b96afffef75fab, en de alinea staat in dat document op bytes 31088 tot 32219.