Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016
Onder 4.2 Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:513.
Beide voorwaardelijke incidentele beroepen zijn gericht tegen de rov. 2.3 en 2.4 van het hof. Deze overwegingen komen erop neer dat, hoewel Bab niet voldoet aan de kapitaalseis van art. 2:272 lid 1 BWC, zij niettemin bevoegd is tot het doen van dit enquêteverzoek, nu dat (mede) betrekking heeft op een onderzoek naar de totstandkoming en uitvoering van de besluiten uit 2010, ten aanzien waarvan zij gesteld heeft dat er gegronde redenen bestaan om te twijfelen aan een juist beleid (rov. 2.3). Ook heeft Bab, zoals uit de notulen van de ava’s van 11 maart 2010 blijkt, haar bezwaren toentertijd voldoende duidelijk kenbaar gemaakt (rov. 2.4).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cf38f08105131fe4f9c0402bab0195678965a45882b4cf4254b96afffef75fab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cf38f08105131fe4f9c0402bab0195678965a45882b4cf4254b96afffef75fab, en de alinea staat in dat document op bytes 40820 tot 41480.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cf38f08105131fe4f9c0402bab0195678965a45882b4cf4254b96afffef75fab | shasum -a 256