Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016
Alinea 18 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:518.
Na onderzoek is de rechter-commissaris tot het oordeel gekomen dat de mailberichten van 5 september 2012, van 4 en 7 januari 2013 en van 3 januari 2014 aan [medeklager] , de diverse declaraties gericht aan [A] B.V. en de diverse creditnota’s aan [A] B.V., alsmede de brieven gericht aan [betrokkene 1] met als afzender [betrokkene 2] , zijn te beschouwen als geschriften die het voorwerp van het strafbare feit uitmaken of tot het begaan daarvan hebben gediend. Het betreft in totaal een veertigtal stukken, die door de rechter-commissaris in haar beschikking zijn genummerd 12 t/m 46 en 48 t/m 58.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6c4a57cc71006f7b7e4da957d38dc2e3e61dd91634ffce0954956af31fdc8648. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6c4a57cc71006f7b7e4da957d38dc2e3e61dd91634ffce0954956af31fdc8648, en de alinea staat in dat document op bytes 10283 tot 10896.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6c4a57cc71006f7b7e4da957d38dc2e3e61dd91634ffce0954956af31fdc8648 | shasum -a 256