Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016
Onder 4.3. Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:518.
Vooropgesteld zij dat ingevolge art. 98 lid 1 Sv bij personen met een bevoegdheid tot verschoning als bedoeld in art. 218 Sv zonder hun toestemming brieven of andere geschriften tot welke hun plicht tot geheimhouding zich uitstrekt, niet in beslag mogen worden genomen. Wel mogen, zoals volgt uit art. 98, (thans) lid 5 Sv, ook zonder hun toestemming in beslag worden genomen brieven of geschriften die voorwerp van het strafbare feit uitmaken of tot het begaan daarvan hebben gediend. Dergelijke brieven en geschriften zijn geen object van de aan bedoelde personen toekomende bevoegdheid tot verschoning.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6c4a57cc71006f7b7e4da957d38dc2e3e61dd91634ffce0954956af31fdc8648. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6c4a57cc71006f7b7e4da957d38dc2e3e61dd91634ffce0954956af31fdc8648, en de alinea staat in dat document op bytes 15618 tot 16237.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6c4a57cc71006f7b7e4da957d38dc2e3e61dd91634ffce0954956af31fdc8648 | shasum -a 256