Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016

Onder 7.3. Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 april 2016, ECLI:NL:PHR:2016:546.

Op grond van de zich in het dossier bevindende 'appreciatie' (kennelijk) behorend bij het onderhavige EODD-rapport en het verhoor van de getuige Kool bij de rechter-commissaris stelt het hof vast dat er kennelijk onvolkomenheden zijn geweest in de procedure tot ontmanteling van de aangetroffen bom. Dergelijke onvolkomenheden zouden, afhankelijk van hun aard en ernst, van invloed kunnen zijn op het aan de strafrechter voorbehouden oordeel of de verdachte de gevolgen van het exploderen van de bom redelijkerwijs kunnen worden toegerekend. In die zin is kennisname van de inhoud van het EODD-rapport, waarin in ieder geval blijkens de appreciatie een tekortschietende communicatie op een of meer belangrijke punten en het onterecht of voortijdig geven van het sein veilig zijn vastgesteld, relevant voor het beantwoorden van de in de onderhavige strafzaak te stellen bewijsvragen. Een dergelijke beoordeling wordt bemoeilijkt doordat het EODD-rapport, zoals het openbaar ministerie heeft verklaard, is gekwalificeerd als staatsgeheim en vanwege dit karakter buiten het dossier is gelaten. Gelet hierop stelt het hof de advocaat-generaal alsnog in de gelegenheid het rapport in het dossier te voegen".

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd56bc8187ef176dcea0cb69156de4ae13f6f561e5bee497bc03a0017662c3eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd56bc8187ef176dcea0cb69156de4ae13f6f561e5bee497bc03a0017662c3eb, en de alinea staat in dat document op bytes 76410 tot 77682.