Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2016

Onder 3.23 Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:553.

FGH klaagt verder dat de parlementaire geschiedenis geen steun biedt voor ’s Hofs oordeel. Uit het door haar in voetnoot 2 in de cassatiedagvaarding onderstreepte citaat maak ik op dat zij meent dat het Hof heeft miskend dat vereist is dat ‘de derde daadwerkelijk heeft vertrouwd op een uit de registers af te leiden verklaring of gedraging’. Die klacht berust op een verkeerde lezing van ’s Hofs arrest en mist derhalve feitelijke grondslag. Het Hof heeft zulks niet miskend, maar geoordeeld dat aan voornoemd vereiste is voldaan. Dat volgt onmiskenbaar uit hetgeen in rov. 4.9 is overwogen. Voor zover hier van belang, houdt de parlementaire geschiedenis waaraan het Hof in rov. 4.3 refereert het volgende in:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efcb0f0d0b3bf0bd52d31682599195fffeb866c3da640dd57b82090633d644ec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efcb0f0d0b3bf0bd52d31682599195fffeb866c3da640dd57b82090633d644ec, en de alinea staat in dat document op bytes 72908 tot 73704.