Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2016
Onder 3.23 Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2016
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:553.
’s Hofs oordeel dat uit deze passage volgt dat het vereist, maar ook voldoende is dat Fraanje de registers daadwerkelijk heeft ingezien, is - voor zover het een algemene strekking heeft - te kort door de bocht. In het kader van art. 3:36 BW moet de vraag of iemand te goeder trouw is, worden beoordeeld aan de hand van de algemene regels betreffende goede trouw, waarvan er enige in art. 3:11 BW zijn neergelegd, en geldt een algemenere onderzoeksplicht. De omvang daarvan is steeds afhankelijk van de omstandigheden van het geval. ’s Hofs oordeel houdt evenwel ook in dat raadpleging van de registers via het ‘hypothecair bericht object’ volstond en dat hier niet de eis kan worden gesteld dat Fraanje tevens kennis heeft genomen van de inhoud van de NAA op grond waarvan het hypotheekrecht op het appartementsrecht is doorgehaald. Dat oordeel is feitelijk van aard en niet onbegrijpelijk. Er is weinig voor te zeggen raadpleging van de registers op de wijze als hier geschied onvoldoende te achten in een geval als het onderhavige, waarin kennisname van de onderliggende akte ook slechts tot de slotsom had kunnen leiden dat het appartementsrecht A-13 niet met een hypotheekrecht was belast.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efcb0f0d0b3bf0bd52d31682599195fffeb866c3da640dd57b82090633d644ec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efcb0f0d0b3bf0bd52d31682599195fffeb866c3da640dd57b82090633d644ec, en de alinea staat in dat document op bytes 74984 tot 76390.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/efcb0f0d0b3bf0bd52d31682599195fffeb866c3da640dd57b82090633d644ec | shasum -a 256