Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2016

Onder 4.22 Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2016

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:555.

Staat het gebrek eenmaal vast dan is de rechtspositie van de gelaedeerde in theorie eenvoudiger dan bij toepassing van art. 6:162 BW. De gelaedeerde behoeft in dit geval immers noch de onrechtmatigheid noch de toerekenbaarheid van het gedrag van de laedens te stellen laat staan (bij betwisting) te bewijzen. Tegelijkertijd moeten we de betekenis hiervan ook weer niet overdrijven; in de praktijk wordt bijvoorbeeld in veel gevallen geen partijdebat gevoerd over de toerekenbaarheid.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8319853db4073b15f8ce00e9ad956ff96f86505ebc7325cdf83b350ff1bd96c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8319853db4073b15f8ce00e9ad956ff96f86505ebc7325cdf83b350ff1bd96c, en de alinea staat in dat document op bytes 63955 tot 64579.